Cor Kint met viola d'amore, door |
De componist Cor Kint werd geboren op 9 januari 1890 in Enkhuizen en overleed op 8 juli 1944 te Hilversum. Hij woonde 1890-1906 in Enkhuizen, 1906-1940 in Amsterdam, en 1940--1944 in Hilversum. Van 1909 tot 1915 was hij altist in het Concertgebouworkest en van 1911 tot 1922 in het Hollandsch Strijkkwartet, waarvan hij mede-oprichter was. Van 1923 tot zijn dood was hij als leraar viool, altviool en viola d'amore aan het Amsterdamsch Conservatorium verbonden. Na 1930 gaf hij bij de Duitse uitgevers Günther en Zimmermann tientallen 18e-eeuwse composities voor viola d'amore uit, op welk gebied hij eind 30er jaren een internationaal erkende autoriteit was geworden.
|
Affiche, ontworpen door George Marinus Tamson. Litho. |
![]() Titelblad van Dick Greiner, 1926. |
De hoofdstukken over Kint informeren over de componist en zijn werk, zijn muzikale contacten, zijn afstamming en biografie. Sommige van deze pagina's worden naarmate ze gereedkomen voorlopig in PDF op de site geplaatst, omdat regelmatig aanvullingen en de onvermijdelijke correcties aangebracht zullen moeten worden, als gevolg van verder onderzoek, hopelijk ook naar aanleiding van reacties van lezers. Op de visueel georiënteerde pagina's bevindt de sitebezoeker zich in een kunstzinnige en enigszins nostalgische omgeving, waar hij zich door beeld en tekst naar 'vroeger' kan laten voeren, en waarnemen welke aantrekkingskracht het vervallen Enkhuizen op residerende en langsreizende schilders uitoefende. De prins onder deze kunstenaars, Willem Bastiaan Tholen, bezat er zelfs enige tijd een huis. |
Ook de in Enkhuizen geboren resp. getogen schrijvers Alie Smeding en Hein de Bruin, zij vooral in haar vertellingen, hij in zijn poëzie, roepen de sfeer van het stille stadje op, waar kruidige lucht van zaden en specerijen, taan en teer door de straatjes zweefde, waar hoog daarboven torenklokken de tijd markeerden, en de carillons zilveren klanken over zonnegoud en zeeblauw strooiden; deze typisch beeldende penkunstenaars spreken a.h.w. alle zintuigen aan. Ook Jos Lussenburg en zijn zus Ley schreven verhalen en boeken. Tegenover de kwast- en naaldartiesten zijn de schrijvers in het nadeel : een verhaal of gedicht langer dan een sonnet vraagt veel meer ruimte op een webpagina dan een ets of een schilderij. Anderzijds, een gedicht kan woordelijk op internet gezet worden, terwijl de kleurschakeringen van een schilderij er niet altijd goed tot hun recht komen. |
|
Als je vanaf Urk aan komt varen na een storm doorstaan te hebben “rijst daar Enkhuizen uit de kim”. Dat is een Henkuzer uitdrukking die je zowel bij Lussenburg, De Bruin als bij Smeding in een of andere vorm tegenkomt. |

